Lichthinder is na geluid de meest genoemde klacht van omwonenden bij sportaccommodaties. Zeker in de winter, wanneer het om vier uur donker is en er tot laat gespeeld wordt. Hieronder staat wat lichtoverlast precies is, welke grenswaarden er gelden per zone, en waarom padel op dit punt gunstiger uitpakt dan de meeste andere buitensporten.
Wat is lichtoverlast?
Lichtoverlast, ook wel lichthinder, is hinder veroorzaakt door kunstlicht. Rond sportvelden gaat het meestal om twee dingen: verlichting die op gevels en door ramen schijnt, en verblinding wanneer je vanaf een afstand recht in een armatuur kijkt.
De verlichting hoort uit te zijn tussen 23.00 en 07.00 uur en op momenten dat er niet gesport wordt. Dat alleen blijkt in de praktijk niet genoeg: het gaat ook om hoeveel licht er tijdens de speeluren buiten het veld terechtkomt.
Hoe lichthinder wordt gemeten
De NSVV onderscheidt twee maten:
- Lux op de gevel — de hoeveelheid licht die buiten het speelveld valt en op de gevel van een woning terechtkomt.
- Candela per armatuur — de sterkte van het licht waar vanaf een afstand in gekeken wordt, oftewel de verblindingskant.
Een veelgehoord misverstand is dat ledverlichting geen hinder geeft omdat het zo precies te richten is. Minder, zeker. Maar ook led geeft strooilicht, en klachten over ledverlichting komen nog steeds voor.
De vijf lichtniveauzones
Welke waarden zijn toegestaan hangt af van de zone waarin de accommodatie ligt. De NSVV onderscheidt er vijf.
| Zone | Type omgeving | Lux op de gevel (23.00–07.00) | Candela per armatuur |
|---|---|---|---|
| E0 | Dark sky park | verlichting niet toegestaan | — |
| E1 | Bosrijke omgeving | 0,1 lux | geen |
| E2 | Landelijk gebied | 1 lux | 500 |
| E3 | Stedelijk gebied | 4 lux | 600 – 1.000 |
| E4 | Stadscentrum en industrie | 5 lux | 1.000 – 2.500 |
Nederland kent maar twee E0-gebieden: Nationaal Park Lauwersmeer en de Boschplaat. Daar mag geen ledverlichting worden geïnstalleerd. De meeste sportparken vallen in E2 of E3.
Waarom padel minder lichthinder geeft dan andere sporten
Twee factoren bepalen hoeveel licht er naast het veld belandt: de hoogte van de masten en de gelijkmatigheid van het licht.
Masthoogte. Bij padel zijn de masten zes meter hoog. Bij voetbal en hockey beginnen ze op vijftien meter, bij tennis liggen ze tussen zeven en vijftien meter. Hoe hoger de mast, hoe verder het licht draagt en hoe groter het gebied dat meeverlicht wordt. Die negen meter verschil met een voetbalveld is aanzienlijk.
Lichtverdeling. Bij tennis en hockey moet het licht zeer gelijkmatig over een groot veld liggen, wat betekent dat er vanuit meer richtingen en over een grotere oppervlakte wordt uitgestraald. Bij padel wordt vooral asymmetrische verlichting gebruikt, die het licht gericht op het speelveld houdt en het strooilicht beperkt.
Voor een club die tegen bezwaren van omwonenden aanloopt, is dat een bruikbaar argument: een padelbaan naast een bestaand tennis- of voetbalveld voegt in verhouding weinig lichthinder toe.
Lichtoverlast verminderen: wat werkt
- Asymmetrische ledarmaturen. Standaard bij onze padelbaanverlichting: het licht wordt op het speelveld gericht in plaats van er rondom uitgestraald.
- Lichtkappen. Bij gevoelige locaties, bijvoorbeeld dicht op woningen of in een E1- of E2-zone, brengen kappen het strooilicht verder terug.
- Lagere masten en juiste oriëntatie. De positie van de banen op het terrein bepaalt in welke richting het restlicht valt.
- Sturing op speeltijden. Verlichting gekoppeld aan het boekingssysteem brandt alleen als er daadwerkelijk gespeeld wordt.
Ligt de baan dicht bij woningen, dan speelt naast licht bijna altijd ook geluid een rol, en komen beide terug in de vergunningaanvraag. Het is verstandig ze in één keer samen te onderzoeken.
Veelgestelde vragen over lichtoverlast
Hoeveel lux mag er op de gevel van een woning vallen?
Dat hangt af van de zone. Tussen 23.00 en 07.00 uur geldt 0,1 lux in een bosrijke omgeving (E1), 1 lux in landelijk gebied (E2), 4 lux in stedelijk gebied (E3) en 5 lux in stadscentra en industriegebied (E4). In een dark sky park (E0) is verlichting niet toegestaan.
Hoe hoog zijn de lichtmasten van een padelbaan?
Zes meter. Dat is fors lager dan bij voetbal en hockey, waar de masten op minimaal vijftien meter beginnen, en lager dan bij tennis met zeven tot vijftien meter. Lagere masten geven minder strooilicht.
Geeft ledverlichting ook lichtoverlast?
Ja, al is het minder dan bij oudere technieken. Led is nauwkeuriger te richten, maar geeft nog steeds strooilicht. Wat het verschil maakt is asymmetrische optiek en, waar nodig, lichtkappen.
Tot hoe laat mag de verlichting van een padelbaan aan?
Tussen 23.00 en 07.00 uur hoort de verlichting uit te zijn, en ook op momenten dat er niet gespeeld wordt. Sturing via het boekingssysteem is daarvoor de praktische oplossing.
Geeft een padelbaan meer lichtoverlast dan een tennisbaan?
Nee, in de regel minder. De masten zijn lager en er wordt asymmetrische verlichting gebruikt die het licht op het veld houdt, terwijl tennis een gelijkmatige lichtverdeling over een groter veld vraagt.





